Frances Jane van Alstyne, meisjesnaam: Fanny Crosby (1820-1915)

Frances Jane van Alstyne is beter bekend onder haar meisjesnaam Fanny Crosby en heeft meer dan 8.000 liederen geschreven. Waarschijnlijk was ze de meest productieve hymneschrijfster ooit.

Ze begint haar autobiografie als volgt: ‘Het leek door de gezegende voorzienigheid Gods zo bepaald te zijn dat ik mijn hele leven blind zou zijn, en ik dank Hem voor deze bedeling.’ Ze werd geboren met even goede ogen als welke baby dan ook, maar met zes weken raakten haar ogen en beetje ontstoken. Ze werd aan de behandeling van een dokter toevertrouwd, en wat er precies gebeurde, is niet duidelijk, maar ze raakte haar gezicht voorgoed kwijt. Ze schrijft verder: ‘Ik heb gehoord dat deze arts nooit ophield te laten merken hoe hij dit voorval betreurde. Maar als ik hem nu zou kunnen ontmoeten, zou ik zeggen: ‘Dank u wel, dank u wel – en nogmaals, en nogmaals – dat u mij blind gemaakt hebt, áls het door uw toedoen gebeurd is!’ Klinkt dit u vreemd in de oren, lezer?  Maar ik verzeker u dat ik het meen – elk woord ervan; en als mij morgen een perfect aards gezichtsvermogen werd aangeboden, zou ik het niet aannemen. Hebt u ooit eerder een blind iemand zo horen praten? Waarom zou ik niet willen dat de fout van die dokter – áls het een fout was – hersteld werd? Wel, daar zijn vele redenen voor.’

Dan noemt ze er enkele:

1. Het kon wel een blunder van de arts zijn geweest, maar het was geen fout van God. ‘Ik geloof waarlijk dat het Zijn bedoeling was dat ik mijn dagen in lichamelijke donkerheid zou leven, zodat ik beter voorbereid zou zijn om Zijn lof te zingen en anderen op te wekken dat ook te doen. Ik had geen duizenden liederen kunnen schrijven – waarvan er vele (als u mij wilt vergeven dat ik dit nogmaals zeg) over de hele wereld gezongen worden – als ik door zoveel afleidingen gehinderd was, als ik alle interessante en mooie voorwerpen gezien had, die dan mijn aandacht getrokken zouden hebben.’

2. Ze is ook bewaard voor het zien van heel veel onaangename dingen. ‘De machtige God heeft Zijn hand over mijn ogen gelegd en veel voorbeelden van wreedheid, bittere onvriendelijkheid en tegenslag voor mij uit het zicht verborgen.’ En nu ze op 83-jarige leeftijd deze autobiografie schrijft, heeft ze haar vier andere zintuigen nog steeds volledig ter beschikking.

3. Ze is er proefondervindelijk van verzekerd dat ze zoveel attente en liefhebbende vrienden heeft, en bijna zonder uitzondering is de grote wereld om haar heen goed voor haar geweest.

To God be the glory, great things He hath done!

1. To God be the glory, great things He hath done!

So loved He the world that He gave us His Son;

Who yielded His life an atonement for sin,

And opened the life-gate that all may go in.

 

Refrain

Praise the Lord, praise the Lord; let the earth hear His voice!

Praise the Lord, praise the Lord; let the people rejoice!

O come to the Father through Jesus the Son,

and give Him the glory; great things He hath done!

 

2. O perfect redemption, the purchase of blood!

To every believer the promise of God;

The vilest offender who truly believes,

That moment from Jesus a pardon receives.

Refrain

 

3. Great things He hath taught us, great things He hath done,

And great our rejoicing through Jesus the Son;

But purer and higher and greater will be

Our wonder, our transport, when Jesus we see!

Refrain

1. Gode zij de heerlijkheid; grote dingen heeft Hij gedaan!

Alzo lief heeft Hij de wereld gehad dat Hij ons Zijn Zoon gegeven heeft;

Die Zijn leven heeft overgegeven tot een verzoening voor de zonde,

En de poort des levens heeft geopend, opdat allen ingaan.

 

Refrein

Looft de Heere; looft de Heere; laat de aarde Zijn stem horen!

Looft de Heere; looft de Heere; laat de volken zich verblijden!

O, komt tot de Vader door Jezus de Zoon;

En geeft Hem de heerlijkheid; grote dingen heeft Hij gedaan!

 

2. O volkomen verlossing, verworven door bloed!

Voor elke gelovige de belofte van God;

De snoodste overtreder die waarlijk gelooft

Ontvangt op dat moment van Jezus vergeving.

 

3. Grote dingen heeft Hij ons geleerd, grote dingen heeft Hij gedaan,

En groot is onze blijdschap door Jezus de Zoon;

Maar reiner en hoger en groter zal zijn

Onze verwondering, onze vervoering, wanneer wij Jezus zien!

 

(en dan te bedenken dat Fanny blind was)

 

Geprezen zij God op Zijn heiligen troon

 

 

1. Geprezen zij God op Zijn heiligen troon,

Voor ’t geen Hij ons gaf in Zijn eenigen Zoon,

Die kwam als het Godslam en droeg onze schuld,

Die d’ eisch van Gods wet aan het kruis heeft vervuld.

 

Refrein

Prijst den Heer’; prijst den Heer’; alles zing’ nu Zijn eer!

Stem en klank, stem en klank, juub’len luid onzen dank!

Door ’t bloed van het Lam gaan wij vrij tot Gods troon;

brengt daarom de glorie aan Vader en Zoon.

 

2. O, welk een verlossing schonk God in het bloed,

De eenige losprijs die voor Hem voldoet.

Geen zondaar te snood en geen zonde te groot;

Het bloed van Gods Zoon redt van d’ eeuwigen dood.

Refrein

 

3. De tijdgeest verwerpt dezen losprijs door ’t bloed

En zoekt een verlossing die ’t vleesch meer voldoet.

Maar niets kan ons redden, hoe kunstig bedacht,

Dan ’t bloed van het Lam, voor de zonde geslacht.

Refrein

 

4. De vruchten van Kaïn voldoen niet Gods eer,

Maar ’t offer van Abel stijgt op tot den Heer’.

Verkondigt het luid, zoodat ieder het hoort;

Welzalig is hij die zich houdt aan Gods Woord.

Refrein

 

5. O, ziet nu het Godslam, geslacht ook voor u;

Het draagt al uw zonden, gelooft dit toch nu;

Zijn bloed schenkt vergeving, ’t koopt slaven weer vrij;

Het heiligt en reinigt, ’t maakt zalig en blij.

Refrein

© 2016 by Ruth Pieterman (RuthInterpres)