Nader tot U, o Heer’

1. Nader tot U, o Heer’,

nader tot U;

drukt mij de zorg terneer,

ik kom bij U.

In al mijn pijn en smart

wens ik met heel mijn hart

dichter bij U te zijn,

nader tot U.

 

2. Is ’t weleens nacht voor mij,

weet ik geen raad,

wordt ’t duister om mij heen,

ik vrees geen kwaad.

Hoe bang het mij ook zij,

Gij zegt: ‘Vertrouw op Mij’;

dus ook door tegenspoed:

nader tot U.

 

3. Wordt soms de zondelust

wakker in mij,

Uw woord: ‘Ik overwon’,

brengt m’ aan Uw zij.

Hoe ook de satan tart,

’k klem m’ aan Uw liefdehart;

steeds dichter bij U, Heer’;

nader tot U.

 

4. Weldra is ’t einde daar

van d’ aardse strijd.

Wat ook mijn deel hier zij,

voor korte tijd,

Gij, Heer’, hebt mij bereid

eeuwige zaligheid;

nader, mijn God, tot U......

eeuwig met U.

© 2016 by Ruth Pieterman (RuthInterpres)