Thomas Benson Pollock (1836-1896)

We have not known Thee as we ought

1. We have not known Thee as we ought,
Nor learned Thy wisdom, grace and power;
The things of earth have filled our thought,
And trifles of the passing hour.
Lord, give us light Thy truth to see,
And make us wise in knowing Thee.

 

2. We have not feared Thee as we ought,
Nor bowed beneath Thine awesome eye,
Nor guarded deed and word and thought,
Remembering that God was nigh.
Lord, give us faith to know Thee near,
And grant the grace of holy fear.

 

3. We have not loved Thee as we ought,
Nor cared that we are loved by Thee;
Thy presence we have coldly sought,
And feebly longed Thy face to see.
Lord, give a pure and loving heart
To feel and own the love Thou art.

 

4. We have not served Thee as we ought;
Alas! the duties left undone,
The work with little fervour wrought,
The battles lost or scarcely won!
Lord, give the zeal and give the might,
For Thee to toil, for Thee to fight.

 

5. When shall we know Thee as we ought,
And fear and love and serve aright!
When shall we, out of trial brought,
Be perfect in the land of light!
Lord, may we day by day prepare
To see Thy face and serve Thee there.

1. Wij hebben U niet gekend zoals zou moeten,

Uw wijsheid, genade en kracht niet geleerd;

De dingen van de aarde hebben onze gedachten gevuld

En beuzelingen die met het uur voorbijgaan.

Heere, geef ons licht om Uw waarheid te zien

En maak ons wijs in het kennen van U.

 

2. Wij hebben U niet gevreesd zoals zou moeten,

Niet gebogen onder Uw ontzaglijk oog,

Niet gewaakt over daden, woorden en gedachten,

Terwijl we bedachten dat God nabij was.

Heere, geef ons geloof om U dichtbij te weten,

En schenk de genade van heilige vrees.

 

3. Wij hebben U niet liefgehad zoals zou moeten,

En er niet om gegeven dat U ons liefhebt;

Uw tegenwoordigheid hebben wij koeltjes gezocht

En zwakjes verlangd om Uw aangezicht te zien.

Heere, geef een rein en liefhebbend hart

Om de liefde die Gij zijt, te voelen en te erkennen.

 

4 Wij hebben U niet gediend zoals zou moeten;

Helaas, we hebben de plichten ongedaan gelaten,

Het werk met weinig vurigheid verricht,

De veldslagen verloren of ternauwernood gewonnen!

Heere, geef de ijver en geef de macht

Om voor U te arbeiden en voor U te strijden.

 

5.Wanneer zullen wij U kennen zoals zou moeten,

En U recht vrezen, liefhebben en dienen?!

Wanneer zullen wij, uit de beproeving gebracht,

Volmaakt zijn in het land van licht?!

Heere, mogen wij ons dag aan dag voorbereiden

Om daar Uw aangezicht te zien en U te dienen.

© 2016 by Ruth Pieterman (RuthInterpres)